Om te bepalen of er een omgevingsvergunning kan worden verleend dient het college van burgemeester en wethouders te beoordelen of het uiterlijk en de plaatsing van een bouwwerk voldoet aan de welstandseisen. Hoe is nu de verhouding tussen de welstandseisen en de mogelijkheden die een bestemmingsplan biedt?
Wat gebeurt er als een ontwikkeling wel volgens het bestemmingsplan is toegestaan, maar het niet gerealiseerd kan worden omdat er niet aan de redelijke eisen van welstand voldaan is?
Over deze verhouding heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna ABRvS) een vaste lijn ontwikkeld. Volgens vaste jurisprudentie van de ABRvS dient de welstandstoets zich te richten naar de bouwmogelijkheden die het bestemmingsplan biedt. Het bestemmingsplan is hét wettelijke instrument waarmee een bestemming aan gronden wordt gegeven en ook de daarbij behorende bebouwings- en gebruiksmogelijkheden worden vermeld. Dikwijls wordt de voor de grond geldende bebouwingsmogelijkheden als uitgangspunt voor de welstandtoets gehanteerd. Een negatief welstandsadvies mag de bouwmogelijkheden van een bestemmingsplan niet onmogelijk maken.
Geschil over plaatsing bijgebouw
In een zaak, waarbij op 18 februari 2000 uitspraak is gedaan door de ABRvS was er een geschil tussen appellant en de gemeente over de plaatsing van een bijgebouw (berging) in de tuin. Appellant stelt dat het plaatsen van een bijgebouw, wat mogelijk is op grond van het bestemmingsplan, door de negatieve welstandsadviezen feitelijk onmogelijk wordt gemaakt. De ABRvS oordeelt dat, wanneer het bestemmingsplan meer keuze laat tussen verschillende mogelijkheden om de bouw realiseren, de gemeente vrijer is in hun welstandsbeoordeling en zal het oordeel minder snel leiden tot een belemmering van de verwezenlijking van de bouwmogelijkheden die het bestemmingsplan biedt, omdat er verschillende bebouwingsmogelijkheden denkbaar zijn. Daarnaast is de bedoeling uit de planregels en/of plansystematiek van betekenis. Volgt uit die bedoeling dat bepaalde bouwmogelijkheden gerealiseerd moeten kunnen worden dan vormt die bedoeling bij het welstandstoezicht een dwingend gegeven. In dat geval wordt de grens van de welstandstoets eerder overschreden. In het geval van appellant is er in het bestemmingsplan geen precieze plaatsaanduiding voor het bijgebouw gegeven. Er bestaan verschillende mogelijkheden om een bijgebouw te realiseren. De vergunning voor het bijgebouw was derhalve terecht vanwege welstandseisen geweigerd.
Vergunning luchtafvoerkanaal
Bij uitspraak van 28 april 2004 oordeelt de ABRvS dat het ook van belang is om te kijken in hoeverre er in het verleden gebruik is gemaakt van de bouwmogelijkheden in het bestemmingsplan. Het kan zijn dat door de wijze waarop in het verleden bouwwerken zijn uitgevoerd, de bouwmogelijkheden die het bestemmingsplan voor het overige nog biedt, vanuit het oogpunt van welstand beperkt moeten worden geacht. In deze uitspraak ging het om een bedrijf dat een vergunning aanvroeg voor het plaatsen van een luchtafvoerkanaal. De gemeente weigerde de vergunning op grond van een negatief welstandsadvies. Het bedrijf stelt dat de verwezenlijking van de door het bestemmingsplan toegestane bouwmogelijkheden door het volgen van de welstandsadviezen wordt belemmerd. De ABRvS oordeelt dat de beperking van de bouwmogelijkheden voor de luchtafvoerkanalen het gevolg is door in het verleden gemaakte keuzes bij de bouw en renovatie van het gebouw.
Het bestemmingsplan als uitgangspunt gaat echter niet zover dat er geen plaats meer is voor een negatief welstandsoordeel, wanneer het bouwplan overeenkomt met het bestemmingsplan. Alleen wanneer wordt vastgesteld dat verwezenlijking van uitdrukkelijk in het bestemmingsplan opgenomen bouwmogelijkheden geheel onmogelijk wordt gemaakt dienen de in de gemeentelijke welstandsnota opgenomen welstandscriteria buiten toepassing te blijven.
Vragen over het bestemmingsplan en de welstandseis?
Goorts + Coppens advocaten | adviseurs beschikt over een advocatenteam dat gespecialiseerd is in bestuursrecht.
Wanneer je vragen hebt over dit onderwerp kun je contact opnemen met Ruud Verkoijen.