FAQ Stikstof

1. Wat wordt er met de stikstofproblematiek bedoeld?

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State besloot eind mei dat het Programma Aanpak Stikstof (PAS) niet gebruikt mag worden als basis voor toestemming voor activiteiten. Met het PAS was gepoogd om de natuur te beschermen tegen stikstofuitstoot. Om toch te kunnen bouwen in en rond kwetsbare natuurgebieden, is het PAS opgesteld en deelde de overheid vergunningen uit op basis van ‘toekomstige besparingen’ op stikstof. De hoogste bestuursrechter haalde hier echt een streep door, omdat de PAS-regeling in strijd is met Europese regelgeving. Gevolg hiervan is dat in bijna iedere gemeente één of meerdere projecten stil zijn komen te liggen. Denk hierbij aan de bouw van woningen, industrie, wegenbouw, land- en glastuinbouw en de aanleg van duurzame energie.

Voor iedere ruimtelijke ontwikkeling moet worden beoordeeld of een natuurvergunning is vereist. Het bevoegd gezag hiervoor is de Gedeputeerde Staten (en in een aantal gevallen het ministerie van LNV). Voor bestemmingsplannen geldt weliswaar geen natuurvergunningsplicht, maar ook deze plannen moeten aan de eisen van de Wet natuurbescherming voldoen. Ook bij de voorbereiding van een bestemmingsplan moet daarom worden beoordeeld of de ontwikkelingen als gevolg van het plan zorgen voor significant negatieve effecten op een Natura 2000-gebied. Ook dan moet er een passende beoordeling (met als gevolg daarvan een milieueffectrapportage) worden gemaakt.

2. Wanneer kan toestemmingverlening op basis van de Wet Natuurbescherming weer op gang komen?

Toestemmingverlening op basis van de Wet natuurbescherming kan op een aantal manieren weer op gang komen. Dit zijn de volgende gevallen:

  1. Wanneer er geen sprake is van stikstofdepositie, heeft een initiatiefnemer geen vergunning nodig in het kader van de Wet Natuurbescherming. De AERIUS-calculator maakt dit inzichtelijk. Let wel op: de AERIUS-calculator kent beperkingen.
  2. Via de ecologische onderbouwing:
    Een ecologische toets is een andere mogelijkheid voor toestemmingverlening. Uit deze toets moet blijken dat de betreffende emissies niet leiden tot aantasting van Natura 2000-gebieden. Voor een aantal projecten geldt dat slechts sprake is van een tijdelijke emissie in de aanlegfase die een depositie veroorzaakt. Voor deze projecten is het, afhankelijk van de gebiedsspecifieke omstandigheden, mogelijk een ecologische onderbouwing aan te leveren en kan in dat geval toestemming worden verleend. Daarbij geldt dat het aannemelijk is dat kleinschalige bouwprojecten op een redelijke afstand van Natura 2000-gebieden waarschijnlijk via deze weg doorgang kunnen vinden. Ook duurzaam bouwen vergroot de kans op een succesvol traject om toestemming te krijgen. Verder kan voor infrastructurele projecten van tijdelijke aard zoals renovatie en vervanging via deze weg sneller toestemmingverlening plaatsvinden.
  3. Via passende beoordeling:
    Een andere mogelijkheid voor het krijgen van toestemming is het maken van een passende beoordeling. In de passende beoordeling worden het gehele project beschreven. Duidelijk moet worden in hoeverre het project van invloed is op Natura 200-gebieden. Dit vergt een nauwkeurige beschrijving en onderzoek. In de passende beoordeling mogen maatregelen worden betrokken die de negatieve gevolgen van het project tegengaan (de zogeheten mitigerende maatregelen). Dit kan tot gevolg hebben dat ondanks de negatieve gevolgen, het Natura 2000-gebied niet wordt aangetast.
  4. Via de ADC-toets
    Het gebruik van de ADC-toets is mogelijk voor de grote projecten en de activiteiten waarvoor geen alternatieven met minder negatieve gevolgen voor Natura 2000-gebieden zijn en die geen dwingende noodzaak hebben (bijvoorbeeld op het terrein van de nationale veiligheid). Ook moeten compenserende maatregelen worden getroffen. Waar aan deze drie voorwaarden kan worden voldaan, is de ADC-toets een kansrijk instrument voor het verkrijgen van toestemming. Er worden geen nadere voorwaarden gesteld aan het toepassen van de ADC-toets. Om het gebruik van de ADC-toets beter mogelijk te maken, zal het kabinet een handreiking ten behoeve van initiatiefnemers op laten stellen.

3. Wat is intern salderen?

Intern salderen houdt in dat er maatregelen getroffen worden binnen één project, zodat er geen toename ontstaat van de stikstofdepositie op Natura2000-gebieden.

4. Kunnen initiatiefnemers gebruik maken van intern salderen?

De toestemminverlening via intern salderen kan per 11 oktober weer starten. Hierbij is een zorgvuldige afweging gemaakt tussen enerzijds het belang om geen stikstofstijging te veroorzaken en anderzijds de ruimte die de initiatiefnemer nodig heeft voor zijn bedrijfsvoering. Daarom wordt uitgegaan van de feitelijke gerealiseerde en vergunde capaciteit. Als een vergunning ruimte biedt voor een grotere capaciteit dan gerealiseerd is, dan geldt de feitelijk gerealiseerde capaciteit. In de landbouw betreft dit de stalcapaciteit.

Voor een aantal activiteiten is het problematisch voor de bedrijfsvoering om uit te gaan van de gerealiseerde capaciteit en zal om die reden worden uitgegaan van de vergunde capaciteit. Dit leidt tot de volgende uitzonderingsgronden waar de initiatiefnemer zich op kan beroepen:

  • Op het moment van aankondiging van het huidige beleid als uiteengezet in de brief van de minister aan de TK d.d. 4 oktober 2019 was het project nog niet volledig gerealiseerd, maar heeft de initiatiefnemer wel aantoonbaar stappen gezet met het oog op volledige realisatie
  • Op het moment van aankondiging is weliswaar nog niet aangevangen met de realisatie van een uitbreidingsproject, maar waren daarvoor wel al aantoonbaar onomkeerbare (investerings)verplichtingen aangegaan.
  • Het project is noodzakelijk voor de realisatie van de doelen in een Natura 2000-gebied (bijvoorbeeld bedrijfsverplaatsing in het kader van natuurherstelmaatregelen).
  • Projecten en plannen ten aanzien van/ten behoeve van wegen, vaarwegen, spoorwegen en luchtvaart, woningbouw, duurzame energieopwekking en energieprojecten van nationaal belang dan wel projecten noodzakelijk in het kader van de nationale veiligheid of militaire activiteiten.

5. Wat betekent afroming?

Afroming houdt in dat er minder stikstofuitstoot wordt toegestaan in een nieuwe vergunning, dan bij de oude vergunning.

6. Hoe wordt afroming gebruikt bij intern en extern salderen?

Bij intern én extern salderen moet er worden uitgegaan van de feitelijk gerealiseerde capaciteit.

Een voorbeeld: heb je een vergunning voor een bedrijfshal met een productiecapaciteit van 1000 eenheden, maar is de feitelijke bedrijfshal 80 eenheden groot? Dan wordt er uitgegaan van de emissieruimte die hoort bij 80 eenheden, los van wat er daadwerkelijk wordt geproduceerd op het moment.

Bij extern salderen wordt 30% afgeroomd. Dit betekent dat wanneer je de bedrijfshal verkoopt, je maar gebruik kunt maken van de emissieruimte van 56 productie-eenheden voor je nieuwe project. (30% van 80, en niet 30% van 100!).

7. Intern salderen: waar moet ik als agrariër op letten?

De regels van intern salderen zijn van toepassing als een ondernemer een nieuwe natuurvergunning moet aanvragen omdat hij wil uitbreiden of de bedrijfsvoering wil aanpassen. De totale hoeveelheid stikstofuitstoot uit de stalcapaciteit op het bestaande/huidige bedrijf is hiervoor leidend. De niet benutte stikstofemissieruimte binnen de natuurvergunning wordt weggehaald. Dit is nodig om conform de uitspraak van de Raad van State te voorkomen dat de stikstofbelasting op een Natura 2000 gebied toeneemt als gevolg van het opvullen van de niet-benutte stikstofemissieruimte.

Intern salderen is de situatie waarbij een agrarisch ondernemer zijn bedrijf uitbreidt, terwijl de totale hoeveelheid stikstof die zijn bedrijf op dat moment uitstoot niet toeneemt.

Als een ondernemer de stikstofuitstoot uit zijn bestaande bedrijf gelijk houdt of kan laten afnemen, door bijvoorbeeld de stallen emissiearm te maken, kan hij toch uitbreiden voor zover hij voldoet aan de bestaande wet- en regelgeving (milieu, ruimtelijke ordening, dierwelzijn).

De regels voor intern salderen zijn door een aantal provincies vastgelegd in provinciale beleidsregels.

8. Extern salderen: waar moet ik als agrariër op letten?

De precieze regels die gaan gelden voor extern salderen zijn er nog niet en worden de komende tijd uitgewerkt. Op dit moment zijn er beleidsregels die extern salderen mogelijk maakt. Hier zitten echter wel haken en ogen aan, neem hiervoor contact op met stikstof@gca.nl.

9. Kan de latente ruimte in mijn vergunning worden weggehaald?

De latente ruimte in een vergunning houdt in de ruimte tussen de vergunde activiteit en de feitelijk benutte capaciteit. Op onderstaande afbeelding is dit duidelijk te zien:

Wanneer je vergunning niet aan hoeft te worden gepast omdat er geen aanpassingen zijn in je bedrijf, verandert er niets en blijft de latente ruimte intact. Afroming van de latente ruimte is pas moeilijk als er een nieuwe natuurvergunning wordt aangevraagd.

10. Wat is het toepassingsbereik van de Aerius-calculator? Voor agro is dit nog problematisch te noemen.

Op maandag 16 september 2019 is de nieuwe versie van de AERIUS Calculator beschikbaar gesteld. De calculator is het rekeninstrument voor het bepalen van de stikstofdepositie door een project of andere handeling.

Uit de uitspraak van Raad van State van 29 mei 2019 volgt dat bij gebruik van AERIUS Calculator moet worden ingegaan op de bezwaren dat AERIUS Calculator niet of minder geschikt is voor depositieberekeningen op korte afstand van de bron. Dit omdat in AERIUS Calculator de uittreedsnelheid en brondiameter niet kunnen worden ingevoerd, en een gebouwmodule ontbreekt.

In AERIUS Calculator 2019 wordt rekening gehouden met de stijging van de emissiepluim als gevolg van de warmte-inhoud (thermische pluimstijging). Er wordt nu echter nog geen rekening gehouden met de stijging van de emissies als gevolg van de uitreedsnelheid (pluimstijging door impuls). De hoogte van de pluim is van invloed op de berekende deposities. In de volgende (nog uit te brengen) versie van AERIUS Calculator, versie 2019.1, kan de pluimstijging door impuls wel in rekening worden gebracht.

Wanneer een emissiebron zich op of nabij een gebouw bevindt, kan het gebouw invloed hebben op de verspreiding van de emissies en de berekende deposities. In AERIUS Calculator 2019 is geen rekening gehouden met dit effect. Over de invloed van een gebouw op de deposities is nog weinig bekend. Het RIVM is voornemens dit nader te onderzoeken. Door het ontbreken van pluimstijging door impuls en gebouwinvloed kan gebruik van AERIUS Calculator 2019 in bepaalde situaties leiden tot een over- of onderschatting van de deposities. Het toepassingsbereik van de AERIUS Calculator is tijdelijk aangepast en kan mogelijke consequenties hebben voor bepaalde sectoren. Wil je hier meer over weten? Stuur een mail naar stikstof@gca.nl, zodat we je gerichter kunnen informeren c.q. adviseren.

11. Wat zijn de laatste ontwikkelingen?

  • Commissie Remkes: https://www.gca.nl/actueel/goorts-coppens-advocaten-richt-een-stikstof-desk-op
  • Reactie Kabinet: https://www.gca.nl/actueel/kabinet-neemt-advies-remkes-over
  • Beleidsregels provincie: https://www.gca.nl/actueel/goed-nieuws-voor-de-bouw-en-infrasector?

12. Gelden er op dit moment drempelwaarden?

Er is een nieuwe stikstofaanpak nodig om uit de huidige impasse te komen en weer perspectief te creëren voor nieuwe ontwikkelingen. Het kabinet werkt daarbij toe naar een nieuwe systematiek waar een drempelwaarde weer onderdeel van kan zijn. Het is volstrekt duidelijk, volgens het kabinet, dat die drempelwaarde alleen kan bestaan als de natuurherstel daadwerkelijk sneller gaat dan tot nu toe het geval was. Om beter inzicht te krijgen in de wijze waarop en de voorwaarden waaronder dit gerealiseerd kan worden, zal het kabinet hierover voorlichting vragen aan de Afdeling Advisering van de Raad van State. Voor het einde van dit jaar wil het kabinet via deze weg, inclusief de te nemen (bron)maatregelen duidelijkheid verschaffen.

13. Hoe staat het ervoor met de vergunningverlening, nu de PAS van tafel is?

De PAS mag dan van tafel zijn, vergunningverlening is niet onmogelijk geworden. De volgende mogelijkheden tot vergunningverlening zijn er:

  • Intern salderen: zie nr. 5 en 6
  • Ecologische onderbouwing: zie nr. 2.2
  • Passende beoordeling: zie nr. 2.3
  • ADC-toets: zie 2.4

In de praktijk merken wij dat vergunningverleners terughoudend zijn met de vergunningen. Dat is op zich niet zo gek, maar wij menen dat als het kan een vergunning verleend moet worden. Zit de vergunningverlening vast? Contact ons gerust, wij kijken samen met u wat de mogelijkheden zijn en kunnen eventueel contact zoeken met het overheidsorgaan dat de vergunning moet verlenen.

14. Heeft de PAS uitspraak invloed op onherroepelijke vergunningen?

Een besluit is onherroepelijk wanneer er geen beroep is ingesteld of wanneer de beroepen tegen het besluit in een bezwaar- en beroepsprocedure door de rechter ongegrond verklaard zijn. Natuurbeschermingsvergunningen die onherroepelijk zijn (die niet meer bij de rechter kunnen worden aangevochten), zijn nog steeds geldig. Je kunt gebruik blijven maken van deze vergunning. Ben je al met jouw activiteit gestart, voordat de vergunning onherroepelijk werd? Dan heb je dit op eigen risico gedaan. Je zou daarom een boete kunnen krijgen. Uit coulance krijg je ongeveer een half jaar om de situatie te herstellen.

15. Heeft de PAS uitspraak invloed op ontwerpbesluiten op basis van de PAS?

Ontwerpbesluiten die ter inzage liggen, maar waarover nog geen definitief besluit is genomen, worden door de bevoegde instanties ingetrokken. Provincies informeren gemeenten dat van omgevingsvergunningen die nog niet definitief zijn, de zogenoemde verklaring van geen bedenkingen niet meer van toepassing is. Neem contact op met ons, om te samen te kijken naar de mogelijkheden.

Voor verdere vragen kunt u altijd contact op nemen met:


Bij het samenstellen van dit artikel/deze nieuwsbrief is geen rekening gehouden met eventuele bijzondere van toepassing zijnde wetgeving en afspraken zoals opgenomen in de CAO en/of (arbeids)overeenkomst. Daarbij is rekening gehouden met de wetgeving die op het moment van het schrijven van de tekst geldend is. Het kan dus zijn dat, met de veranderende wetgeving, de inhoud later achterhaald is. Mocht je de informatie in de praktijk willen hanteren, neem dan van tevoren even contact op met een van de juristen van Recht-Direct of een van de advocaten van Goorts + Coppens zodat zij je goed kunnen informeren.

Onze kernwaarden

Samen

Een perfecte samenwerking intern en met de klant bepaalt het succes.

Gedreven

Voor klanten en intern, we doen meer dan verwacht, altijd een super voorbereiding en elke klant is een geschenk.

Anders

Goorts + Coppens dat andere advocatenkantoor in aanpak, klantcontact én presentatie.

Zullen wij je op de hoogte houden?

Irene van Geel

Irene van Geel

Advocaat Milieu en omgeving

Stel gerust je vraag aan ons

Heb je vragen of wil je graag een afspraak maken? Stuur ons een e-mailbericht.

Je gebruikt een verouderde webbrowser

Deze website maakt gebruik van moderne technieken die niet worden ondersteund door jouw webbrowser. Update mijn webbrowser

×