Windturbines, een veelbesproken onderwerp...

De plannen voor windturbines zijn nooit zonder discussie. Op veel plaatsen in het land worden plannen ontwikkeld voor het plaatsen van windturbines. Aangezien deze turbines steeds hoger worden, tot hoogten van 240 meter, is dat ook niet verwonderlijk. De impact op de omgeving is daarmee immers ook groter.

Windturbines Goorts Coppens

Elektriciteitswet

Op grond van de Elektriciteitswet hebben de provincies over het algemeen de regie over dit soort projecten, maar de bevoegdheid kan ook aan de gemeente worden overgedragen.

Provincies hebben doorgaans in hun provinciale plannen al gebieden aangewezen waarvan ze vinden dat daar windturbines kunnen komen. Ook gemeenten beschikken over instrumenten waarin ze hun beleid ten aanzien van windparken kunnen verwoorden.

Toetsing van het plan

Als een plan in procedure wordt gebracht, en dat kan in de vorm van een bestemmingsplan, provinciaal inpassingsplan  of een omgevingsvergunning, moet beoordeeld worden of er wordt voldaan aan dit provinciaal en gemeentelijk beleid. Het beleid kan immers niet rechtstreeks via bezwaar of beroep aan de kaak worden gesteld, maar zal indirect, via de toetsing van een concreet plan of besluit aan dat beleid, ter discussie gesteld kunnen worden.

Je ziet vaak dat er wordt gesteld dat een plan doorgang kan vinden, omdat het voldoet aan provinciaal en gemeentelijk beleid, maar dat is te kort door de bocht, omdat ook moet worden nagegaan of dat beleid wel juist is. Zoals gezegd kan dat beleid niet rechtstreeks worden aangevochten, maar kan dat wel in een procedure over het bestemmingsplan, provinciaal inpassingsplan of de omgevingsvergunning.

Verdrag van Aarhus

In dat kader is een veel besproken onderwerp de toepassing van het Verdrag van Aarhus. Op grond van dat verdrag moeten belanghebbenden daadwerkelijke invloed uit kunnen oefenen op de besluitvorming. De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft tot op heden gesteld dat de procedure die op grond van de Algemene wet bestuursrecht gevolgd moet worden (indienen van zienswijzen en vervolgens het instellen van beroep) aan dat verdrag voldoet. In de literatuur worden daar terecht vraagtekens bij gezet. De praktijk is immers dat belanghebbenden pas bij de plannen worden betrokken als deze al volledig zijn uitgewerkt en dan is er van enige invloed geen sprake meer. Er is geen mogelijkheid meer om over een andere opstelling of over minder turbines te praten. De plannen zijn afgekaart voordat ze in procedure worden gebracht en dan bestaat er bij zowel de initiatiefnemers als bij het bestuursorgaan geen bereidheid meer om de plannen aan te passen. Derhalve wordt door diverse juristen terecht de vraag gesteld of met de inspraak die geboden wordt, wel wordt voldaan aan het Verdrag van Aarhus.

Windpark Drentse Monden

Juist vanwege de frustratie dat plannen al, voordat ze in procedure worden gebracht, door partijen volledig zijn klaargestoomd zonder de belanghebbenden daarin te betrekken, ontstaan er situaties zoals bij Windpark Drentse Monden. Daar zijn aannemers bedreigd die de turbines zouden gaan oprichten. Dat is zeker niet de weg om je gelijk te halen, maar deze acties vloeien voort uit een frustratie en machteloosheid die verband houdt met een gebrek aan mogelijkheden om serieus invloed uit te kunnen oefenen.

Vragen over windparkprojecten

Mocht u vragen hebben over windparkprojecten en de mogelijkheden om daartegen rechtsmiddelen aan te wenden, dan kunt u contact opnemen met:

Ruud Verkoijen
Ruud Verkoijen


Gepubliceerd op 

16 augustus 2019