Het fosfaatreductieplan: stand van zaken & mogelijkheden om het aan te vechten

Op 4 mei 2017 is door de rechtbank Den Haag in kort geding de Regeling fosfaatreductieplan 2017, voor de veehouders die dat kort geding hadden aangespannen, buiten werking gesteld.

Wat betekent deze uitspraak van het fosfaatreductieplan?

De Voorzieningenrechter heeft voor deze melkveehouders bepaald dat op hen, ten opzichte van andere melkveehouders, een onevenredige last is gelegd. Het buiten werking stellen van de regeling, geldt dus alleen voor de melkveehouders die het kort geding hadden aangespannen. De logische gedachte is dan dat anderen ook een kort geding moeten starten om ervoor te zorgen dat de regeling ook voor hen buiten werking wordt gesteld. Dat is een optie die zeker kans van slagen heeft, als kan worden aangetoond dat er vóór 2 juli 2015 onomkeerbare investeringen zijn gedaan in grond of stallen en de veestapel nog niet tot de op die investeringen afgestemde omvang is gegroeid.

Aanvechten beschikking 

De Staatssecretaris heeft hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de Voorzieningenrechter. Hij kan de regeling niet uitvoeren voor degenen die in kort geding gelijk hebben gekregen, maar wel voor alle andere melkveehouders. Al die anderen ontvangen op of kort na 23 mei 2017 een beschikking waarin het (boete)bedrag is vastgesteld dat de melkveehouder op grond van de regeling verschuldigd is. Dat besluit kan worden aangevochten, door middel van een bezwaar en daarnaast – om te voorkomen dat het (boete)bedrag direct moet worden voldaan – een voorlopige voorziening.

Kort geding wel of niet gedekt rechtsbijstandsverzekering?

Diverse melkveehouders hebben zich bij ons gemeld met de vraag wat wij voor hen kunnen doen. Er kan een kort geding worden gestart om hetzelfde te bereiken als de melkveehouders die eerder een kort geding hebben gestart om de regeling buiten werking te krijgen. Navraag bij de diverse verzekeraars wijst uit dat alleen Achmea Rechtsbijstand (Interpolis, Avéro, FBTO en Centraal Beheer) dekking verleent voor het voeren van een kort geding-procedure. Alle andere verzekeraars, zoals ARAG, DAS en Univé verlenen geen dekking, omdat er een nationaal geldende regeling wordt aangevochten. In deze gevallen zal de melkveehouder het kort geding zelf moeten bekostigen.

Een alternatief dat gedekt door een rechtsbijstandsverzekering

Wanneer de beschikking tot vaststelling van het verschuldigde (boete)bedrag wordt ontvangen, kan daartegen bezwaar worden gemaakt. Dit schort echter niet de betalingsverplichting op. Om dat te bereiken, moet een verzoek om een voorlopige voorziening bij de Voorzieningenrechter worden ingediend. Een bestuursrechtelijk kort geding. In die procedure kan worden aangevoerd dat ten onrechte een geldsom wordt geïnd, omdat uit de voormelde uitspraak van het civiele kort geding is gebleken dat de regeling onverbindend is. Voor het aanvechten van een dergelijke beschikking bestaat normaliter wel dekking op de rechtsbijstandverzekering. De melkveehouder kan de kosten voor deze procedure in dat geval wel via de rechtsbijstandverzekering laten lopen. De verwachting is dat de Voorzieningenrechter – onder verwijzing naar de uitspraak in het civiele kort geding – de beschikking tot betaling van het (boete)bedrag zal schorsen totdat uitspraak is gedaan in het door de Staatssecretaris aangetekende civiele hoger beroep.

De risico’s?

De kans is aanwezig dat de Staatssecretaris in het door hem gestarte hoger beroep alsnog gelijk krijgt en dat de maatregelen op grond van de Regeling fosfaatreductieplan 2017 toch voor iedereen van kracht worden. Dan zullen de verschuldigde (boete)bedragen alsnog betaald moeten worden. Het is ook mogelijk dat de uitspraak in het civiele kort geding in hoger beroep in stand blijft. In dat geval moeten door melkveehouders reeds betaalde bedragen door de Staatssecretaris (met rente) worden terugbetaald.

Indien de melkveehouder er alsnog voor heeft gekozen om te voldoen aan de Regeling door zijn veestapel te verminderen, heeft de Staatssecretaris een groot probleem als de uitspraak van de kort geding-rechter in stand blijft. Dan hebben de melkveehouders ten onrechte gevolg gegeven aan de regeling en kan de schade die zijn daardoor hebben geleden op de Staatssecretaris worden verhaald. Nu de Staat daarvoor opdraait, loopt de Staatssecretaris in feite geen risico. De melkveehouders lopen wel een risico, want zij draaien zelf voor de kosten op als zij in het ongelijk worden gesteld.

Wat kan Goorts + Coppens voor jou betekenen?

Wij kunnen voor je een kort geding-procedure starten om hetzelfde te bereiken als de 52 melkveehouders waarvoor de regeling buiten werking is gesteld. Afhankelijk van waar je verzekerd bent of als je überhaupt geen rechtsbijstandverzekering heeft, komen de kosten voor uw rekening dan wel de verzekeraar. In de plaats van een kort geding starten, kan naar onze mening hetzelfde resultaat worden bereikt door de beschikking met het te betalen (boete)bedrag aan te vechten. Bezwaar maken tegen een bestuurlijke boete en een voorlopige voorziening vragen aan de bestuurlijke Voorzieningenrechter vallen, mits sprake is van een redelijke kans op succes, wel onder de dekking van uw rechtsbijstandverzekering. In dat geval komen de kosten dus voor rekening van de verzekeraar.

Neem contact met ons op

Voor vragen of advies over het voeren van een procedure kun je contact openemen met Niels Crooijmans, Ruud Verkoijen en Patrick Grijpstra. Zij helpen je graag verder! Wanneer je je wenst aan te melden voor het voeren van een van de voornoemde procedures, meldt je dan bij Ruud Verkoijen bereikbaar via r.verkoijen@gca.nl of op 0493 35 20 70. 


Gepubliceerd op 

23 mei 2017