|
Mondelinge overeenkomsten zijn net zo geldig als schriftelijke overeenkomsten. Voor de koop van woonhuizen kan dat anders zijn. Indien de koper een natuurlijk persoon is en niet handelt in het kader van zijn beroep of bedrijf, dan moet volgens de wet de koop schriftelijk worden vastgelegd. Dit vormvereiste wordt ook wel het schriftelijkheidsvereiste genoemd. Indien de koop van een woning niet schriftelijk is vastgelegd, dan is de koop niet rechtsgeldig. Zowel de koper als de verkoper zijn dan niet gebonden aan de overeenkomst.
Toch zijn in de rechtspraak gevallen bekend waarbij mondelinge overeenstemming tot rechtsgeldige koopovereenkomsten heeft geleid en waarbij koper en/of verkoper gebonden was om mee te werken aan het opstellen en ondertekenen van de schriftelijke overeenkomst en levering van de woning. Hier liggen twee opvattingen aan ten grondslag.
Allereerst zijn er gevallen waarin er mondelinge overeenstemming is bereikt over wat er precies wordt gekocht en wat daarvoor precies de prijs is. In deze gevallen, waarin nog slechts het vormvereiste van een schriftelijke overeenkomst in de weg staat, kan sprake zijn van een geldige koopovereenkomst. Of er sprake is van een geldige overeenkomst, hangt dus met name af van de mate waarin partijen het mondeling eens zijn geworden over alle details.
Ten tweede zijn er gevallen waarin nog geen volledige overeenstemming is bereikt, maar waarin de onderhandelingen in een zodanig vergaand stadium zijn dat een koper of verkoper zich niet zomaar kan terugtrekken uit de onderhandelingen. Helemaal niet als de koper of verkoper het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gegeven dat er een overeenkomst tot stand zou komen.
Goorts & Coppens Advocaten houdt voor u de ontwikkelingen bij in de rechtspraak. Wij constateren een tendens om steeds meer vast te houden aan het schriftelijkheidsvereiste. Daarom wordt geadviseerd om een mondelinge overeenkomst direct schriftelijk vast te leggen.
|